Stedelijke Ontwikkeling

Inleiding

Algemene programmadoelstelling

 
Utrecht is erg in trek om te wonen, werken, leren en bezoeken. De stad kiest ervoor om dat ook te faciliteren en daarom wordt er volop gebouwd. In 2040 verwacht Utrecht circa 455.000 inwoners te hebben. De gekozen koers om vooral te groeien door verdichting wil Utrecht als kans benutten voor ‘Gezond Stedelijk Leven voor Iedereen’.

De Ruimtelijke Strategie Utrecht (RSU) wordt geactualiseerd om de koers van Utrecht aan te scherpen, bij te sturen en te verlengen. Een groeiende stad zorgt voor opgaven: voldoende betaalbare woningen, andere vormen van vervoer, duurzame energie, meer banen, meer aandacht voor groen, kwaliteit van de openbare ruimte en voorzieningen op het gebied van onder meer sport, recreatie, kinderopvang, asielzoekers, lang en kort verblijf en onderwijs. We willen dat Utrecht zich zo ontwikkelt dat er een balans is tussen de toename van het aantal inwoners en een gezonde manier van samenleven in Utrecht, voor iedereen.

Niet alle gebieden in Utrecht ontwikkelen zich in dezelfde mate. Vooral in het Stationsgebied, de Merwedekanaalzone, Cartesiusdriehoek, het Utrecht Science Park en Leidsche Rijn worden de komende jaren grote gebiedsprogramma’s gerealiseerd en grote aantallen woningen gebouwd. De energietransitie, de mobiliteitssprong en de kwaliteit van de openbare ruimte moeten bij uitstek in deze ontwikkelingen geïntegreerd worden.
In het Meerjaren Perspectief Ruimte (MPR) staan alle grote ruimtelijke projecten uit de stad bij elkaar. We schetsen de stand van zaken van de projecten en de Investeringsimpuls Ruimtelijke Strategie en sturen bij waar nodig.

Er is veel vraag naar ruimte in onze stad en regio. Dat vraagt om zorgvuldige en integrale afwegingen. Daarbij doet vooral de druk op de woningmarkt zich sterk voelen, waardoor woningen voor veel mensen te duur worden. Daarom moet het tempo van de woningbouw omhoog, de sociale woningvoorraad op peil worden gebracht en een forse inhaalslag in het middenhuur segment worden gemaakt. We willen verschillende typen woningen beter spreiden over de stad zodat meer gemengde wijken ontstaan.
Om dit voor elkaar te krijgen, is intensieve samenwerking tussen corporaties, ontwikkelaars, beleggers en gemeente nodig. De basis voor deze samenwerking is vastgelegd in het Stadsakkoord Wonen . Daarnaast is de nieuwe Woonvisie vastgesteld, zijn prestatieafspraken gemaakt en is de huisvestingsverordening aangepast. In 2020 werken we aan uitvoering van de in deze trajecten gemaakte afspraken.

Naar verwachting start in 2020 de renovatie van ruim 1.650 woningen en de bouw van ongeveer 4.100 nieuwe woningen, waarvan circa 800 studentenwoningen, circa 650 sociale huur (exclusief zelfstandige studenteneenheden), circa 600 woningen in de middencategorie (huur en koop) en ruim 2.000 dure huur- en koopwoningen (koopprijs > 307.000 euro VON).
Bij alle ontwikkelingen stimuleren we een respectvolle omgang met stedenbouwkundig-historische structuren. We willen, onder meer met behoud van monumentale objecten, de identiteit van wijken en buurten bewaren en waar mogelijk versterken.

Een van de gevolgen van de Omgevingswet is dat gemeenten met andere instrumenten (omgevingsvisie, omgevingsplan, snellere vergunningverlening) moeten gaan werken. Dit alles vergaand digitaal ontsloten en ondersteunend. Op 1 januari 2021 voldoen we aan de wettelijke eisen.

Verplichte BBV indicatoren

Om een eenduidig beeld te vormen over de beleidsresultaten van de gemeente en gemeenten onderling te kunnen vergelijken zijn er een aantal wettelijke verplichte indicatoren bij de programma’s opgenomen.

Indicator

Eenheid

Bron

2014

2015

2016

Nieuw gebouwde woningen

Aantal per 1.000 woningen

8. Vhrosv

7,1

9,9

12,6

De gegevens uit deze tabel komen van de website Cijfers per gemeente

Lasten & baten

Lasten

€ 141.234

9,8 %

Baten

€ 130.663

9,6 %